De kern van value investing ligt in het concept van intrinsieke waarde, de werkelijke economische waarde van een bedrijf op basis van zijn activa, winsten en toekomstige kasstromen. Als de beurskoers van een aandeel significant lager ligt dan deze intrinsieke waarde, beschouwt een value belegger dit als een koopkans. Benjamin Graham, de grondlegger van value investing, introduceerde het begrip veiligheidsmarge om beleggers te beschermen tegen fouten in hun berekeningen. Warren Buffett bouwde voort op deze principes en voegde daar de nadruk op kwalitatief sterke bedrijven aan toe, waarmee hij value investing naar een nieuw niveau tilde. Buffett stelde dat het beter is om een geweldig bedrijf te kopen tegen een eerlijke prijs dan een redelijk bedrijf tegen een geweldige prijs. Dit verfijnde inzicht toont aan dat value investing niet alleen draait om lage prijzen maar ook om de kwaliteit en duurzaamheid van het bedrijfsmodel op de lange termijn.